Column Raf Janssen – Sociale Alliantie: Armen helpen is onvoldoende om mechanismen in de samenleving die armoede veroorzaken bloot te leggen en te bestrijden

Rond Sinterklaas en Kerst worden overal in het land acties op touw gezet om geld en goederen in te zamelen voor medeburgers die het minder getroffen hebben. Heel veel mensen doen daaraan mee. Dat is een teken dat er sterke gevoelens van solidariteit en mededogen leven onder de bevolking. Het helpt armen en geeft niet-armen voldoening. Tegelijk groeien echter de tegenstellingen in de samenleving tussen rijk en arm. Armen helpen is kennelijk onvoldoende om mechanismen in de samenleving die armoede veroorzaken bloot te leggen en te bestrijden. Naast noodzakelijke hulp aan armen moeten condities worden gecreëerd die mensen met lagere inkomens in staat stellen zelf het initiatief te nemen om hun bestaanszekerheid veilig te stellen. Voor zichzelf en voor mensen om hen heen. Een van die condities is het kunnen beschikken over voldoende inkomen.

In twee artikelen die ik deze week las, wordt dat treffend verwoord. Het eerste artikel gaat over ‘Leven in het schuldengetto (https://www.groene.nl/artikel/leven-in-het-schuldengetto)’. Het staat in De Groene Amsterdammer van 20 december 2018 en is geschreven door Karlijn Kuijpers, Thomas Muntz en Tim Staal. Het artikel geeft een inzicht in de schuldenindustrie en in het lot van schuldenaren in Nederland. De conclusie is dat armlastigen buiten de reguliere economie en zelfs buiten de rechtsstaat worden getrapt. Ik ga het artikel niet samenvatten. Voor eenieder is het beslist de moeite waard er zelf kennis van te nemen. Ik licht er slechts één passage uit. Het betreft de wrange constatering die de auteurs doen na het doornemen van de lijst met veertig maatregelen die het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft opgesteld in het kader van het ‘Actieplan brede schuldenaanpak’. Die constatering luidt als volgt: “Het is grote maatschappelijke en politieke winst dat iedereen schuldenproblematiek ‘urgent’ vindt, maar waar het de overheid aan ontbreekt is een heldere formulering van wat nou eigenlijk het structurele probleem is.

Opmerkelijk genoeg wordt nergens in de lijst met maatregelen en onderzoeken een woord vuil gemaakt aan een van de belangrijkste oorzaken van schulden: mensen met schulden hebben simpelweg te weinig geld. (…) Zolang we niet onderkennen dat er bij veel mensen, zowel werkenden als zieken of werklozen, te weinig geld binnenkomt, veroordelen we grote groepen burgers tot een parallelle economie waar woekeraars geld aan hen verdienen. Want wie geen geld heeft, mag niet meedoen.” Tot zover het eerste artikel. Het tweede artikel gaat over het stimuleren van het meedoen van uitkeringsgerechtigden. Het is een verhaal over een experiment met bijstand in zes gemeenten: uitkeringsgerechtigden zijn ingedeeld in groepen die een verschillende behandeling en/of begeleiding krijgen; de effecten op met name uitstroom naar werk worden daarbij in kaart gebracht om te achterhalen wat de beste werkwijze is. Professor Ruud Muffels van de Universiteit van Tilburg die het experiment wetenschappelijk begeleidt, wordt gevraagd wat afgelopen jaar voor hem de grootste verrassing was. Zijn antwoord luidt als volgt: “Dat is toch wel de ellende waar veel deelnemers doorheen gaan. Ik wist niet dat die zo diep en wijdverbreid was.

Zo’n 40 tot 45 procent leeft in armoede, heeft hoge ziektekosten en problemen met het opbrengen van de huur of het grootbrengen van kinderen. Veel van die mensen hebben ontzettende moeite met rondkomen. Ik vind het verbazingwekkend dat het sommigen nog lukt en dat een heel klein percentage zelfs nog iets weet te sparen. Een grote groep uitkeringsgerechtigden heeft zodoende niet de mentale en cognitieve toestand en energie om productiever te zijn in de zoektocht op de arbeidsmarkt. Zij zijn hun meeste energie kwijt met het managen van hun ellende.” Muffels constateert dan dat hij daarin de nodige aanwijzingen ziet voor de hypothese dat stress die door armoede wordt veroorzaakt, voor een vicieuze cirkel zorgt. “Ik vroeg me aan het begin nog af of die aanname wat overdreven was, maar onderhand lijkt die hypothese mij reëel.” Tot zover twee recente voorbeelden van een signaal dat de Sociale Alliantie al twintig jaar naar voren brengt en dat ik hier nog eens kort samenvat.

Armoede is meer dan een gebrek aan inkomen, maar zonder een leefbaar inkomen kan armoede niet worden opgelost. Veel van de huidige armoede is ontstaan omdat door overheidsmaatregelen in het verleden het sociaal minimum te laag is geworden. Door het sociale minimum jarenlang te bevriezen is het onvoldoende koopkrachtig geworden om de wel doorgaande kostenontwikkeling te kunnen bijbenen. Daarom blijft de Sociale Alliantie erop hameren dat het sociaal minimum gekoppeld moet blijven aan de algemene en incidentele loonontwikkeling en dat het minimumloon, de AOW en de sociale uitkeringen extra moeten worden verhoogd om de opgelopen achterstanden in te halen. De strijd voor een samenleving zonder armoede gaat in 2019 door. Want een samenleving zonder armoede is pas een rijke samenleving!